HOOFDKENMERKEN van de NOTUS muzieknotatie
 
NOTUS een bijzonder coherente 'totaal muzieknotatie'. Bij de beschrijving van het Notus Handboek deel 1 is de inhoudslijst te raadplegen van alle notatie onderwerpen die zijn aangepast of vervangen door nieuwe NOTUS notaties met een eenduidige betekenis.
Met de onderstaande 10 punten kunnen de partituurvoorbeelden onderaan deze pagina worden gelezen.

 

1. NOTUS kent geen sleutels, wel een eenvoudige nieuwe octaafnummering volgens onderstaand pianoschema.
 

____________

2. NOTUS kent een anker-octaaf: kent een anker-octaaf: dit is een paginabrede drielijnige notenbalk met vooraan een zwart vlakje met daarin één van de nieuwe octaafnummers in wit. Op een anker-octaaf worden de noten van één octaaf genoteerd, steeds op dezelfde wijze ongeacht het octaafnummer. De noot C heeft altijd een vast symbooltje dat onder het anker-octaaf wordt genoteerd, nl. een nootkop met een dik lijntje erdoor dat lichtjes schuin staat.

Het logisch gevolg is dat enkel dit schema moet geleerd worden om alle octaven te kunnen lezen, want enkel het octaafnummer vooraan de notenbalk wijzigt om noten uit andere octaven te noteren. In de conventionele notatie dient men per sleutel en per octaaf voor de noten telkens nieuwe notenbalkplaatsen aan te leren. De twee voorbeelden tonen de eenvoud van de Notus notatie t.o.v. de conventionele notatie.

____________

3. Noten uit hogere en lagere octaven dan het anker-octaaf worden genoteerd op smalle notenbalkjes die boven en onder het anker-octaaf worden genoteerd. Dit zijn ALTIJD 3 horizontale lijntjes samen en worden octaafsegmenten genoemd. Hierop staan de noten met dezelfde naam als deze van het anker-octaaf op dezelfde notenbalkplaats. Ook het specifieke C-symbooltje komt terug. Bijvoorbeeld de noot 'sol' staat altijd op de middelste notenbalklijn, zowel van het anker-octaaf als van elk drielijnig octaafsegment. Hierdoor wordt het begrip 'octaaf interval' vanaf de eerste lessen onmiddellijk gekend en herkend.

Een octaafsegment krijgt geen octaafnummer omdat de toonhoogte logisch volgt uit het octaafnummer van het anker-octaaf. De noten op een octaafsegment boven het anker-octaaf klinken één octaaf hoger dan deze op het anker-octaaf en onder het anker-octaaf één octaaf lager. Verder bezit NOTUS enkele eenvoudige notatietechnieken voor de overige octaven.

____________

4. De tekens voor de noot- en rustwaarden blijven, ondanks een restyling, sterk gelijkend aan deze van de conventionele notatie. Enkele wijzigingen zijn te vinden in de tekens van de rusten langer dan de kwart rust en de noot 'brevis'. Hieronder de aangepaste tekens.

____________

5. In NOTUS is aan de plaats van de stok aan de nootkop een betekenis toegekend. De stok aan de rechterzijde van de nootkop (zowel naar onder als naar boven gericht) is voor een eerste instrument of voor de noten door de rechterhand gespeeld. De stok aan de linkerzijde is voor een tweede instrument op eenzelfde notenbalk of voor de noten die door de linkerhand worden gespeeld.

____________

6. In NOTUS wordt de overbinding genoteerd door een dikke grijze lijn die is samengesteld uit twee symmetrische lijnstukken die lichtjes schuin staan en aan elkaar gebonden door een zachte boog. Het breekpunt kan naar boven of naar beneden wijzen. Alle overbonden noten worden in hetzelfde grijs genoteerd, ook het verlengpunt dat bij een overbonden noot hoort. Hierdoor worden overbonden noten visueel afgescheiden van de gewone noten en is het verschil tussen langer aan te houden noten en te spelen noten onmiddellijk duidelijk. Het resultaat is een preciezer en ritmisch juist musiceren tijdens de lessen.

____________

7. In NOTUS worden de halve tonen genoteerd door twee ééndelige nootkoppen. Eén voor verlagen, de FLATnootkop en één voor verhogen, de SHARPnootkop. De conventionele tekens mol, kruis en het herstellingsteken worden niet langer gebruikt en ALLE regels voor hun gebruik vallen weg. Doordat de nieuwe nootkoppen ééndelig zijn moeten ze altijd op de notenbalk zelf genoteerd worden, ook al is er een voortekening. Het 'vergeten' van verhogen en verlagen zoals in de conventionele notatie wordt hierdoor uitgesloten. Ook kunnen vanaf de eerste lessen composities in alle toonsoorten worden gelezen ook al heeft men deze nog niet ingestudeerd.

• De benaming van de halve tonen is vereenvoudigd. De Nederlandstalige conventionele achtervoegsels -is en -es zijn vervangen door s (van sharp) en f (van flat)
• Het begrip enharmonisch is letterlijk ‘visueel’ op de notenbalk doordat de rechthoekige toevoegingen aan de ovalen nootkop van de twee noten voor eenzelfde klank op eenzelfde notenbalkplaats staan. Hierdoor wordt de studie van de halve tonen vereenvoudigd en het aantal aan te leren notaties sterk verminderd.

____________

8. In NOTUS wordt een 'tonica-voortekening' gebruikt waarmee onmiddellijk de juiste paralleltoonsoort en de erbijhorende toonladder kan worden afgelezen. Het is een breed octaafsegment en bestaat uit twee delen afgescheiden door een verticaal stippellijntje. Op het linker gedeelte duidt een normale nootkop een Major toonsoort aan en een kleine nootkop (nootkop gebruikt bij een appoggiatura) een minor toonsoort. De notenbalkplaats van die nootkoppen is de tonica van de toonsoort.
Rechts van de stippellijn staat de voortekening die bij de major of minor toonsoort hoort, waarbij FLAT- en SHARPnootkoppen de mollen en kruisen uit de conventionele notatie vervangen. Er zijn extra richtlijnen om toonsoorten anders dan Major en minor en exotische toonsoorten te noteren.

____________

9. In NOTUS wordt een antimetrisch ritme aangeduid door een nootwaarde. De voorkeur gaat uit naar de nootwaarde van het maatcijfer. De nootwaarde duidt de totale duur aan waarin een antimetrische figuur wordt uitgevoerd. Bij complexe figuren wordt de nootwaarde van de antimetrische figuur als getal vergeleken met de nootwaarde van de uitvoeringstijd.

____________

10. In NOTUS zijn de herhalingstekens vernieuwd en worden ze in twee groepen verdeeld. Enerzijds zijn er de onmiddellijke herhalingen nadat noten/fragmenten voor het eerst werden gespeeld en anderzijds zijn er uitgestelde herhalingen waarbij fragmenten verderop in een compositie worden herhaald. In het Handboek, deel 1 worden ze uitgebreid beschreven en vergeleken met de klassieke herhalingen zoals prima volta en secunda volta, da capo, del segno, fine etc. Hieronder als voorbeeld de tekens voor een onmiddellijke herhaling van een fragment nadat het voor de eerste maal is gespeeld.

Een fragment dat niet onmiddellijk wordt herhaald maar wel verderop in de compositie wordt afgebakend door twee Section tekens. Een Section Reference teken (in de vorm van een gestyleerde wig) duidt in de compositie de plaats aan waar het fragment moet herhaald worden.
 

 

____________

Enkele vergelijkende voorbeelden: links de conventionele notatie, rechts Notus notatie. Indien de voorbeelden te klein zijn, klik in je browser op het ‘ZOOM + teken’. Om de diashow te stoppen, plaats de cursor op de partituren, om verder te gaan klik op de linker- of rechterpijl.